
WILLEMSTAD - De Ombudsman van Curaçao maakt zich zorgen over de bescherming van kinderrechten op het eiland. In zijn jaarverslag over 2024 signaleert Keursly Concincion meerdere ernstige incidenten waarbij kinderen onveilig waren of hun rechten werden geschonden. Het instituut voerde verschillende onderzoeken uit, maar de aanstelling van een Kinderombudsman blijft uit door politieke besluiteloosheid.
Volgens de Ombudsman vraagt de bescherming van jeugdigen op Curaçao om meer aandacht en betere regelgeving. “Veel gevallen en signalen hadden te maken met de toegang tot basisvoorzieningen zoals schoon drinkwater en voedsel, en met diverse vormen van mishandeling van minderjarige kinderen door volwassenen,” aldus het verslag.
Naast onderzoeken naar veiligheidsincidenten waarbij kinderen waren betrokken, zoals een onderzoek naar een ernstig gewonde leerling door een val van een eerste verdieping van een school, het overlijden van een kind tijdens een zwemactiviteit en een onderzoek naar letsel op een kinderdagverblijf begon het instituut ambtshalve twee bredere onderzoeken: een naar het overheidstoezicht op kinderdagverblijven, en een tweede naar de naleving van het kinderrechtenverdrag door jeugdinstellingen op het eiland. Beide onderzoeken lopen door in 2025.
Drinkwater
Op beleidsniveau stuurde de Ombudsman een brief aan de minister van Economische Ontwikkeling over het risico dat gezinnen met minderjarigen worden afgesloten van schoon drinkwater. Hij wees op een uitspraak van het gerechtshof in Den Haag, waarin werd vastgesteld dat waterafsluiting strijdig kan zijn met het recht van het kind op een gezonde ontwikkeling. Volgens de Ombudsman is deze uitspraak, op grond van het Statuut voor het Koninkrijk, ook relevant voor Curaçao.
Maar de uitvoering van de kinderrechten-taak blijft bemoeilijkt door het feit dat er nog altijd geen officiële Kinderombudsman is aangesteld. Hoewel de wettelijke basis daarvoor al in 2020 werd gelegd, is de benoemingsprocedure nog niet afgerond.
“De uitvoering van deze taak werd beïnvloed door het uitblijven van de noodzakelijke politiek-bestuurlijke besluitvorming,” staat in het verslag. De Ombudsman spreekt de hoop uit dat er in 2025 alsnog een plaatsvervanger wordt aangesteld.




































