Blue21 ziet kansen voor drijvende golfbreker op Curaçao na studie Marie Pampoen

· - leestijd 2 minuten
Afbeelding
Foto: Blue21

WILLEMSTAD – Een drijvende golfbreker kan onder de juiste omstandigheden bijdragen aan de bescherming van de Curaçaose kust. Dat concludeert het Nederlandse ingenieursbureau Blue21 na een haalbaarheidsstudie bij Marie Pampoen. Het bureau adviseert als volgende stap een gecontroleerde proef met een constructie van ongeveer 30 meter.


De studie werd uitgevoerd met financiële steun van Partners for Water, een programma van de Nederlandse overheid dat wordt uitgevoerd door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Het project kreeg in 2025 subsidie onder de officiële naam Floating Breakwaters for coastal erosion control – Curaçao.

Het gaat daarmee om een door Blue21 uitgevoerde en vanuit Nederland gesubsidieerde haalbaarheidsstudie. In de openbare projectinformatie wordt niet vermeld welke Curaçaose partij als lokale opdrachtgever of toekomstige begunstigde bij het project betrokken is.

Volgens de voorwaarden van Partners for Water moest bij een haalbaarheidsstudie vooraf wel zicht bestaan op een mogelijke lokale ontvanger van de technologie en op een realistische vervolgstap richting een pilot.

Speciaal ontwerp voor Marie Pampoen

Blue21 onderzocht voor Marie Pampoen onder meer de werking van golven, technische haalbaarheid, milieueffecten en economische aspecten. Het gebied vormt volgens het bureau een bijzondere uitdaging vanwege het smalle rifplateau, aanwezig koraal, wisselende golfrichtingen en de beperkte ruimte voor traditionele kustbescherming.

Voor de locatie ontwikkelde Blue21 daarom een specifiek ontwerp met twee drijvende pontons die onder water met een vakwerkconstructie aan elkaar zijn verbonden.

De open ruimte tussen de pontons moet wateruitwisseling mogelijk blijven maken en tegelijkertijd voorkomen dat een groot aaneengesloten deel van de zeebodem permanent in de schaduw ligt, zoals bij een gesloten drijvende golfbreker het geval kan zijn.

De onderwaterconstructie zou bij een toekomstige proef mogelijk ook ruimte kunnen bieden voor elementen van een koraalkwekerij of andere onderwaterhabitats. Blue21 benadrukt dat deze mogelijke ecologische functies nog in de praktijk moeten worden onderzocht.

Minder golfenergie, maar effect hangt af van locatie

Modelberekeningen laten volgens het bedrijf zien dat de drijvende constructie lokaal een duidelijke vermindering van de golfenergie kan veroorzaken. Dat betekent echter niet automatisch dat de golfslag aan de kust in dezelfde mate afneemt.

Het uiteindelijke effect hangt sterk af van de precieze plaatsing en oriëntatie van de constructie, de afstand tot de kust en de vorm van het rif. Daarom waarschuwt Blue21 ervoor de drijvende golfbreker te presenteren als een eenvoudige vervanging voor bestaande kustbescherming.

De meerwaarde zit volgens het bureau vooral in het feit dat de constructie kan worden aangepast en weer verwijderd, minder permanent beslag legt op de zeebodem en tijdens een proef kan worden gebruikt om zowel technische als ecologische effecten te meten.

Lokale partijen betrokken bij onderzoek

Blue21 bezocht Curaçao tijdens het onderzoek twee keer en sprak naar eigen zeggen met vertegenwoordigers van de overheid, mariene onderzoekers, duikscholen, kustdeskundigen en organisaties die zich bezighouden met koraalherstel.

Maar de namen van die lokale partners worden in de openbare projectinformatie niet genoemd. Evenmin is duidelijk welke Curaçaose organisatie bij een eventuele vervolgpilot verantwoordelijk zou worden voor uitvoering, beheer of medefinanciering.

Blue21 zegt dat juist de gesprekken op Curaçao hebben geleid tot de keuze voor een oplossing met een zo klein mogelijke ecologische voetafdruk, in plaats van het zonder aanpassing toepassen van een bestaand Nederlands ontwerp.

Eerst proef van 30 meter

Het ingenieursbureau adviseert niet om meteen een volledige golfbreker aan te leggen. De volgende stap moet volgens Blue21 een gecontroleerde pilot van ongeveer 30 meter zijn.

Daarbij moeten onder meer de daadwerkelijke vermindering van de golfslag, het gedrag van de constructie, de installatiemethode, de gevolgen voor het koraal en andere ecologische effecten worden gemeten. Pas daarna kan worden beoordeeld of toepassing op grotere schaal zinvol is.

Blue21 benadrukt daarnaast dat een drijvende golfbreker slechts één onderdeel kan zijn van kustbescherming. Ook verbetering van de waterkwaliteit, herstel van koraalriffen, aanpassing van de kust en weerbare infrastructuur blijven volgens het bureau noodzakelijk.

Voor een vervolg moet eerst een geschikte proeflocatie worden vastgesteld en duidelijk worden wie op Curaçao eigenaar en financier van een pilot wordt. Hoeveel Nederlands subsidiegeld precies in de haalbaarheidsstudie is gestoken en welke Curaçaose partij in de subsidieaanvraag als mogelijke begunstigde is genoemd, is op basis van de openbare informatie nog niet duidelijk.


261 keer gelezen

Deel dit artikel: