Armoedeboete op boodschappen: betalen mensen zonder auto structureel meer?

· - leestijd 2 minuten
Afbeelding

De goedkoopste supermarkt van Curaçao is waardeloos als je er niet kunt komen. Toch doet Fundashon pa Konsumidó bij haar prijsvergelijkingen alsof iedere consument dezelfde luxe heeft: kijken waar de ham goedkoper is, waar de kaas in de aanbieding is en waar je voor de aardappelen een paar gulden minder betaalt.


Dat is nuttige informatie. Voor mensen met een auto.

Bijna een kwart van de huishoudens op Curaçao heeft er geen. Dat zijn grofweg 14.000 huishoudens. Voor hen is een prijsverschil tussen twee supermarkten aan weerszijden van het eiland grotendeels theoretisch. Je kunt moeilijk zes gulden besparen op je boodschappen als je eerst twaalf gulden aan vervoer moet uitgeven om bij die aanbieding te komen.

Hun supermarkt staat vaak gewoon om de hoek. De toko. De minimarket. Niet gekozen na een uitgebreide vergelijking van prijs, assortiment en kwaliteit. Maar gekozen omdat je er naartoe kunt lopen. Dat is geen consumentenkeuze. Dat is noodzaak.

En precies daarom schiet de huidige manier van prijzen vergelijken tekort. Want een prijsvergelijking veronderstelt dat de consument kan reageren op de informatie. Dat ik kan zeggen: die kaas is daar drie gulden goedkoper, dus ik stap in mijn auto en rij erheen.

Maar juist bij mensen voor wie drie gulden verschil het meeste uitmaakt, ontbreekt die mogelijkheid vaak. Daarom zou Fundashon pa Konsumidó eens een andere vraag moeten stellen.

Niet: waar zijn de boodschappen het goedkoopst? Maar: wat betalen mensen die niet naar de goedkoopste winkel kunnen? Ik heb het nadrukkelijk niet over de Makutu Básiko. Daar bestaat al een afzonderlijk systeem voor. Fundashon neemt bij haar supermarktcontroles veel meer gewone boodschappen mee. Prima. Neem precies díé producten vervolgens mee de wijken in.

Dezelfde kaas. Dezelfde ham. Dezelfde koffie. Hetzelfde merk, hetzelfde gewicht, dezelfde verpakking.

Ga ermee naar de toko’s en minimarkets. En leg daarna de Senso ernaast. Waar wonen veel huishoudens zonder auto? Wat kosten dezelfde dagelijkse boodschappen daar? Hoe verhoudt dat zich tot de prijzen bij de grote supermarkten waar de mobiele consument zijn kar vol kan laden?

Armoedeboete

Dan krijgen we eindelijk antwoord op een vraag die veel belangrijker is dan welke supermarkt deze maand bovenaan of onderaan het lijstje staat: heeft Curaçao een onzichtbare armoedeboete op boodschappen?

De toko-eigenaar is wellicht niet automatisch de boosdoener. Een kleine winkel koopt minder groot in, heeft minder onderhandelingsmacht en kan per product hogere kosten hebben dan een supermarktketen. Het zou dus goed verklaarbaar kunnen zijn als sommige producten daar duurder zijn.

Maar voor de klant verandert die verklaring weinig.

Als iemand met een hoger inkomen en een auto een product voor acht gulden kan kopen en iemand zonder auto voor hetzelfde product bij zijn buurtwinkel tien gulden moet betalen, dan betaalt degene met de minste mogelijkheden uiteindelijk méér.

Niet omdat hij dom boodschappen doet. Niet omdat hij aanbiedingen niet begrijpt. Omdat hij geen alternatief heeft. Dat is waar armoede gemeen wordt.

Wie geld en vervoer heeft, kan vergelijken, groot inkopen en aanbiedingen afrijden. Wie weinig heeft, moet kopen waar hij kan kopen. De vrije markt werkt prachtig als je vrij bent om je over die markt te bewegen. Zonder die vrijheid blijft alleen de prijs over.

Fundashon pa Konsumidó heeft de mensen en ervaring om prijzen te verzamelen. Ze heeft eerder ook toko’s en minimarkets onderzocht. Het CBS heeft de gegevens over huishoudens en autobezit. Combineer die werelden.

Maak geen nieuwe boodschappenmand. Verzin geen nieuw instituut. Maak er ook geen jarenlange studie van. Neem gewoon de boodschappen die toch al worden gecontroleerd en ga ermee de wijk in.

Dan weten we misschien voor het eerst of mensen zonder vervoerskeuze structureel meer betalen voor dezelfde dagelijkse producten. En als dat zo is, kunnen we daarna praten over oplossingen: betere prijsinformatie per wijk, bereikbaarder openbaar vervoer, gezamenlijke inkoop of andere manieren om het prijsverschil te verkleinen.

Maar eerst moeten we het zichtbaar maken. Want de belangrijkste vraag is niet waar op Curaçao de goedkoopste boodschappen liggen. De belangrijkste vraag is wie zich de vrijheid kan permitteren om ze daar te gaan halen.


173 keer gelezen

Deel dit artikel: