CFATF: toezicht op Curaçaose onlinegoksector nog niet operationeel

· - leestijd 3 minuten
Afbeelding

WILLEMSTAD – Het toezicht op onlinecasino’s en cryptodienstverleners op Curaçao was tijdens de internationale beoordeling verleden jaar nog niet daadwerkelijk ingevoerd. Dat constateerde de Caribbean Financial Action Task Force. De bevinding krijgt nieuwe betekenis door de huidige discussie over de miljoenenbetaling aan Random Consulting en de mogelijke uitbesteding van toezichtstaken.


Aanleiding om het CFATF-rapport opnieuw te bekijken is een mededeling van de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten. De CBCS schrijft in haar nieuwste toezichtsnieuwsbrief dat zij de samenwerking met de Curaçao Gaming Authority (CGA) en de Financial Intelligence Unit Curaçao heeft geïntensiveerd.

Volgens de Centrale Bank hebben de organisaties de afgelopen maanden op strategisch en operationeel niveau informatie uitgewisseld. Ook zijn afspraken gemaakt over gezamenlijke trainingen en voorlichting. Welke informatie is gedeeld en of daarbij specifieke gokbedrijven, vergunninghouders of transacties zijn besproken, vermeldt de CBCS niet.

Onlinegokken hoog witwasrisico

De CFATF rekent onlinegokken tot de sectoren met het hoogste witwasrisico op Curaçao. Ook financiële instellingen, vastgoed, economische zones, effectenbemiddelaars, vermogensbeheerders en trustkantoren worden als kwetsbaar aangemerkt. Illegaal gokken, belastingontduiking en fraude gelden als belangrijke binnenlandse bronnen van crimineel geld.

Tegenover dat hoge risico staat volgens de beoordelaars een toezichtskader dat nog niet af is. De toenmalige Gaming Control Board, inmiddels CGA, moest het toezicht op aanbieders van onlinegokken nog ontwikkelen. Ook voor cryptodienstverleners was het toezicht nog niet operationeel.

De CFATF constateerde verder dat weinig controles op locatie werden uitgevoerd. Toezichthouders maakten bovendien beperkt gebruik van hun mogelijkheden om overtredingen te bestraffen. Tijdens de onderzochte periode werd geen enkele bestuurlijke boete opgelegd.

De bevindingen zijn gebaseerd op het landenonderzoek van 17 tot en met 28 juni 2024. Ze bewijzen daarom niet dat de situatie in 2026 onveranderd is. De CBCS zegt juist dat inmiddels vooruitgang is geboekt. De nieuwsbrief bevat echter geen cijfers over controles, sancties of onderzoeken waarmee die vooruitgang kan worden beoordeeld.

Tekort aan capaciteit

Niet alleen het toezicht op de goksector vertoonde tekortkomingen. De CFATF stelde ook vast dat de FIU, politie en het Openbaar Ministerie met personeelstekorten kampten. Het aantal witwasonderzoeken bleef achter bij het aantal verdachte transacties dat door de FIU werd doorgegeven.

De risico’s van onlinegokken, cryptodiensten en het misbruik van rechtspersonen waren nog onvoldoende afzonderlijk onderzocht. Informatie over de uiteindelijke eigenaren van ondernemingen was niet altijd volledig, actueel en snel beschikbaar.

Ook het terughalen van crimineel vermogen uit het buitenland en het beheer van in beslag genomen bezittingen schoten tekort. Volgens het rapport werden sommige geconfisqueerde bezittingen beneden de marktwaarde verkocht. Daarnaast verliep het bevriezen van vermogen op basis van internationale sanctielijsten niet altijd tijdig.

Wie voerde het toezicht uit?

De internationale constateringen raken aan de huidige controverse rond Mario Galea en zijn Maltese bedrijf Random Consulting. Die ontstond nadat minister van Financiën Charles Cooper bekendmaakte dat jaarlijks ongeveer 8,3 miljoen gulden voor werkzaamheden van Galea zou zijn uitgetrokken.

Random Consulting stelt in zijn eigen reactie dat het de gokautoriteit heeft ondersteund bij de invoering van de nieuwe gokwet en bij werkzaamheden rond vergunningverlening, compliance, toezicht en handhaving. Daarmee bevestigt het bedrijf een operationele betrokkenheid bij de opbouw van het nieuwe stelsel.

De verklaring bewijst echter niet welke taken precies werden uitgevoerd, op basis van welk mandaat dat gebeurde en welke prestaties tegenover het bedrag stonden. Ook blijft onduidelijk wie de uiteindelijke beslissingen nam over vergunningen, controles en sancties.

Waarschuwing Raad van Advies

Dat onderscheid is juridisch van belang. De Raad van Advies waarschuwde bij de behandeling van de Landsverordening op de kansspelen dat voor het uitbesteden van toezichthoudende en handhavende overheidstaken een duidelijke wettelijke grondslag nodig is.

Een particulier bedrijf kan de CGA technisch en organisatorisch ondersteunen. Publiekrechtelijke bevoegdheden kunnen echter niet zonder wettelijke basis worden overgedragen. De vraag is daarom waar de advisering door Random Consulting eindigde en het formele overheidstoezicht begon.

Wie beoordeelde de vergunningaanvragen inhoudelijk? Wie bepaalde welke bedrijven moesten worden gecontroleerd? Wie onderzocht mogelijke overtredingen en wie adviseerde of besliste over maatregelen? Ook is niet duidelijk hoe de overheid toezicht hield op de particuliere partij die hielp het toezichtssysteem op te bouwen.

Geen inzicht in resultaten

De intensievere samenwerking tussen CBCS, CGA en FIU kan een antwoord zijn op een deel van de CFATF-kritiek. Maar de mededeling van de Centrale Bank laat niet zien wat de samenwerking concreet heeft opgeleverd. Er worden geen aantallen onderzoeken, controles, verdachte transacties, boetes of andere sancties genoemd.

Daarmee verschuift de discussie van de vraag óf organisaties samenwerken naar de vraag of het toezicht inmiddels aantoonbaar functioneert. In het licht van de CFATF-bevindingen en de rol van Random Consulting zijn daarvoor openheid over contracten, bevoegdheden, betalingsstromen, controles en sancties noodzakelijk.

De centrale vraag blijft wie in de periode waarin het formele toezicht nog in ontwikkeling was feitelijk toezichtstaken uitvoerde – en wie controleerde of dat rechtmatig en effectief gebeurde.


171 keer gelezen

Deel dit artikel: