Curaçao riskeert miljoenenboete als minister niet beslist over zonnevergunning

· - leestijd 1 minuut
Het Hof geeft minister Roderick Middelhof tot 1 januari 2027 om een nieuw besluit te nemen over de vergunningaanvraag van Otium
Het Hof geeft minister Roderick Middelhof tot 1 januari 2027 om een nieuw besluit te nemen over de vergunningaanvraag van Otium Foto: Archief

WILLEMSTAD – Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie geeft de minister van Economische Ontwikkeling, Roderick Middelhof, tot 1 januari 2027 om te beslissen over de vergunningaanvraag van zonne-energiebedrijf Otium. Doet hij dat niet, dan volgt een dwangsom van één miljoen gulden.


Het geschil loopt al sinds 2021. Otium vroeg destijds een vergunning aan voor de productie van elektriciteit met zonnepanelen. De minister wees die aanvraag in 2023 af.

Nadat het Gerecht in eerste aanleg die afwijzing in stand had gelaten, vernietigde het Hof in september 2025 die beslissing voor zover het de productievergunning betrof. De minister kreeg toen zes maanden de tijd om opnieuw op de aanvraag te beslissen.

Minister wachtte te lang

Die termijn verstreek op 17 maart dit jaar zonder dat een nieuw besluit was genomen. Otium stapte daarop opnieuw naar het Hof en vroeg om maatregelen. Volgens de minister was meer tijd nodig omdat de aanvraag onderdeel moest worden van een breder traject voor de modernisering van het elektriciteitsbeleid en de ontwikkeling van nieuwe regels voor de verdeling van productiecapaciteit.

Daarbij wordt gewerkt aan een zogenoemd Integrated Resource Plan, waarin de toekomstige elektriciteitsbehoefte en de gewenste energiemix voor Curaçao in kaart worden gebracht.

Het Hof gaat daar niet in mee. Volgens de rechters heeft de minister de eerder gegeven opdracht niet uitgevoerd. De zes maanden zijn niet benut om in overleg met betrokken partijen beleid te ontwikkelen over de verdeling van productiecapaciteit.

In plaats daarvan heeft de minister gewacht op de uitkomsten van het onderzoek naar het Integrated Resource Plan. Die passieve opstelling komt volgens het Hof voor rekening van de minister.

Wel houdt het Hof rekening met het publieke belang van een zorgvuldig voorbereid energiebeleid. Daarom krijgt de minister een nieuwe, ruimere termijn tot 1 januari 2027. Voor die datum moet hij in samenspraak met onder meer Otium beleid ontwikkelen voor de verdeling van productiecapaciteit, dat beleid uitvoeren en een nieuwe beslissing nemen op de vergunningaanvraag van het bedrijf.

Hof waarschuwt ook over nieuwe energiecontracten

Daarnaast spreekt het Hof uit dat de minister zijn bevoegdheden moet gebruiken om te voorkomen dat Aqualectra vanaf de datum van de uitspraak nieuwe verplichtingen aangaat via zogenoemde Power Purchase Agreements met energieproducenten die niet beschikken over de wettelijk vereiste productieconcessie.

Volgens het Hof zou dat moeilijk verenigbaar zijn met het standpunt van de minister dat eerst duidelijkheid moet bestaan over de benodigde productiecapaciteit en de verdeling daarvan voordat nieuwe producenten kunnen worden toegelaten.

Omdat de minister de eerdere uitspraak niet heeft nageleefd, verbindt het Hof aan de nieuwe opdracht een dwangsom van 1 miljoen gulden. Die wordt verschuldigd als op 1 januari 2027 niet aan alle onderdelen van de opdracht is voldaan. Ook moet de minister de proceskosten van Otium vergoeden.


442 keer gelezen

Deel dit artikel: