Don’t call me Dushi?

· - leestijd 1 minuut
Afbeelding

WILLEMSTAD - Op Curaçao hoeft niemand uit te leggen wat dushi betekent. En toch is juist dat woord moeilijk te vangen. Het zit niet alleen in wat je zegt, maar in hoe je kijkt, ontvangt, zorgt en aandacht geeft. Steven de Lira vraagt zich af of we juist dát aan het verliezen zijn: een Caribische manier van samenleven waarin warmte en verbondenheid vanzelfsprekend leken. En als dat zo is, wat betekent dat dan voor hoe we vandaag leven, werken en leidinggeven?


Door | Steven de Lira

Gisteren zat ik met een Europese Nederlandse collega op een school. We werken samen aan een project over cultuureducatie. Ik vroeg: wat is de lading van het woord ‘DUSHI’ voor jullie eigenlijk?

Ik vertraag bij het uitspreken van dushi, met duidelijke klemtoon, zoals het hoort. Ik spreek Papiamentu heel snel, maar dushi moet langzaam. Want wat lekker is, verdient tijd en aandacht.

Mijn collega reageerde vrij snel: “Volgens mij zit het in de intonatie.” De directeur met wie we in gesprek waren reageerde nog sneller: “Nee, nee. Dushi zit in een combinatie van veel dingen. De beweging. De oogopslag. De snelheid. De smaak. De geur. De energie.”

Haar directe reactie raakte me, omdat iemand anders in een split second herkende wat ik bedoelde. Een soort maatje: zij snapt mij. Want dushi is niet één ding. Dushi ontstaat voor mij wanneer veel kleine dingen kloppen en samen een wauw-reactie oproepen.

Ik moest denken aan de kinderfeestjes uit mijn jeugd. De uitnodiging waar veel aandacht aan werd besteed. De piñata. De versiering. Het eten. Hoe mensen werden ontvangen. Mijn ouders die bijna alles in de gaten hadden. En het presentje waarmee je naar huis ging. Alles kreeg aandacht. Iedereen werd gezien.

Later zag ik dat ook bij Surinaamse gezinnen in Nederland. Twintig mensen en een hoop kinderen in een klein appartement. Eten, warmte en aandacht. De gastheer of gastvrouw die ziet dat je wilt vertrekken en je liefdevol iets meegeeft voor thuis. En soms de volgende dag nog een berichtje: Was het leuk? Goed thuisgekomen?

Dat is dushi.

Letterlijk betekent het lekker of fijn. Voor mij gaat het over veel ‘simpele’, niet-luxe dingen goed doen. Het is voor mij ook embodiment. Verbonden zijn met de mensen die het feestje verlaten en tegelijkertijd met de gasten die er nog zijn. De aandacht wordt verdeeld zonder daar bewust over na te denken. Het vloeit van de ene situatie naar de andere.

Dit gaat zonder inspanning en zonder burn-out-ervaring. Het is niet multitasken, als ik het mijn moeder zou vragen. Het is continu dansen en zijn, in plaats van denken.

Helaas zijn we dushi een beetje aan het kwijtraken. Ik word soms dushi genoemd zonder dat iemand mij echt aankijkt. Don’t call me dushi, denk ik dan. Dushi is aandacht. Passie. Waardering voor het mooie dat het leven ons geeft.

Klopt dit een beetje? Of romantiseer ik mijn jeugd en Curaçao te veel?

En kan het streven naar dushi ook een leiderschapsvaardigheid of zelfs een leiderschapsprincipe zijn?


413 keer gelezen

Deel dit artikel: