Curaçao heeft op België na de meeste gedupeerden toeslagenaffaire buiten Nederland

WILLEMSTAD – Ongeveer 280 gedupeerden van de Nederlandse toeslagenaffaire wonen op Curaçao. Het eiland is daarmee, na België, het land met de grootste groep ouders in het buitenland die ondersteuning krijgt binnen de Nederlandse hersteloperatie.
Het Ondersteuningsteam Buitenland begeleidt momenteel circa 1.700 gedupeerde ouders in 45 landen. Van hen woont 16,5 procent op Curaçao, blijkt uit een nieuwe voortgangsbrief van staatssecretaris Sandra Palmen-Schlangen aan de Tweede Kamer.
De hulp aan ouders buiten Nederland verschilt van de brede ondersteuning die gedupeerden via Nederlandse gemeenten kunnen krijgen. Het ondersteuningsteam kan volgens het ministerie geen reguliere voorzieningen of langdurige trajecten aanbieden, omdat het afhankelijk is van de wet- en regelgeving in het land waar de ouder woont.
Wel kan het team hulp bieden bij het vinden van lokale voorzieningen. Wanneer die ontbreken of onvoldoende zijn, kunnen redelijke kosten onder voorwaarden worden vergoed. Ook ouders die naar Nederland willen terugkeren, kunnen ondersteuning krijgen bij de verhuizing en de reis. Huisvesting moeten zij zelf regelen.
Het ministerie werkt aan een aparte beleidsregel voor ouders in het buitenland. Die moet duidelijker maken welke hulp zij kunnen krijgen en onder welke voorwaarden.
De Nederlandse overheid wijst er ook op dat een schadevergoeding in het woonland gevolgen kan hebben voor belastingen of sociale voorzieningen. Afspraken zoals in Nederland, waar compensatie niet meetelt voor het vermogen bij de Belastingdienst, zijn volgens het kabinet niet met alle landen te maken.
Naast Curaçao wonen de meeste gedupeerde ouders in het buitenland in België, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Turkije.



































