Gemiste kans op menswaardig Curaçaos’ migratiebeleid

· - leestijd 1 minuut
Afbeelding

WILLEMSTAD – Het nieuwe migratiebeleid van Curaçao, dat in maart werd gepresenteerd door minister Shalton Hato van Justitie, bouwt in bepaalde opzichten voort op het uitgangsdocument van minister van Financiën en Volksgezindheid, Javier Silvania. Toch is de toon van het beleid duidelijk strenger en juridischer. Waar Silvania nog ruimte liet voor regulering van arbeid en sociale integratie van ongedocumenteerden, legt Hato’s aanpak vooral de nadruk op controle, verwijdering en formele procedures. Maar grootste probleem blijft dat achtereenvolgende bewindsmannen geen formele wetgeving maken, waardoor vreemdelingen zijn overgeleverd aan de beleidsmatige grillen van een zittende minister.


Redactioneel commentaar

In het beleidsdocument van Silvania, werd benadrukt dat de aanwezigheid van ongedocumenteerden een structureel gegeven is op Curaçao, dat vraagt volgens de minister om een realistische en humane aanpak. Hij stelde dat deze groep een bijdrage kan leveren aan de economie en pleitte voor een integrale aanpak door meerdere ministeries, zoals Justitie, Financiën, Volksgezondheid, Sociale Zaken en Arbeid.

In het beleid van 2025 is deze brede benadering grotendeels losgelaten. De maatregelen zijn geconcentreerd rond het ministerie van Justitie en richten zich vooral op beoordeling van beschermingsverzoeken, bewaring, en uitzetting. Wel komt het uitgangspunt van Silvania dat het ontbreken van een wettelijk kader onhoudbaar is, duidelijk terug. In de nieuwe regeling zijn de procedures voor verzoeken om bescherming op grond van artikel 3 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens voor het eerst uitgewerkt in beleid (en dus niet in wet!). Daarbij is ook de schorsende werking bij bezwaar of beroep formeel vastgelegd.

Ook de nadruk op mensenrechten en het belang van duidelijke procedures is een overeenkomst tussen beide documenten. Maar waar Silvania pleitte voor mogelijkheden tot gereguleerde arbeid, belastingafdracht en het benutten van migratie als antwoord op demografische krimp, biedt het nieuwe beleid daar geen structurele openingen voor. De mogelijkheid tot legalisatie blijft beperkt tot uitzonderlijke situaties en herhaalde verzoeken worden slechts bij nieuwe feiten in behandeling genomen.

De toon van Hato’s beleid is in die zin terughoudender en defensiever. De verlenging van vreemdelingenbewaring tot maximaal achttien maanden is een voorbeeld van die verstrakking. Dat vreemdelingen zelf verantwoordelijk worden voor het aanvragen van een voorlopige voorziening bij hoger beroep of een klacht bij het Europees Hof, bevestigt het juridisch-technische karakter van het beleid.

Waar Silvania opriep tot meer samenwerking tussen beleidsterreinen, is het beleid van 2025 vooral gericht op beheersing van instroom en beperking van risico’s. Daarmee kiest Curaçao met Hato voor bescherming op individuele gronden, maar geen brede opening voor integratie of arbeidsparticipatie van ongedocumenteerden.

Een gemiste kans...


Deel dit artikel: