Curaçao tekent aangepast protocol tegen ondermijnende criminaliteit

· - leestijd 1 minuut
Shalton Hato, minister van Justitie
Shalton Hato, minister van Justitie

WILLEMSTAD – Curaçao gaat een aangepaste versie tekenen van het protocol voor de bestuurlijke aanpak van georganiseerde en ondermijnende criminaliteit dat Aruba, Curaçao, Sint-Maarten en Nederland in 2023 vaststelden. De ministerraad heeft minister van Justitie Shalten Hato gemachtigd het protocol namens het Land Curaçao te ondertekenen.


Het protocol moet voorkomen dat criminele organisaties gebruikmaken van de legale economie en overheidsvoorzieningen. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om het misbruiken van bedrijven, vergunningen, vastgoedtransacties, subsidies en aanbestedingen voor witwassen of andere illegale activiteiten.

De aanpak beperkt zich daarom niet tot politie en justitie. Ook ministeries, vergunningverleners en toezichthouders moeten instrumenten krijgen om criminele activiteiten te voorkomen, te belemmeren of stil te leggen. Vergunningen zouden bijvoorbeeld kunnen worden geweigerd of ingetrokken wanneer er een ernstig risico bestaat dat deze voor criminele doeleinden worden gebruikt.

Bestaand protocol aangepast

Aruba, Curaçao, Sint-Maarten en Nederland stelden in 2023 al een protocol voor de bestuurlijke aanpak van ondermijning vast. Dat protocol werd eind 2025 door een werkgroep van het Justitieel Vierpartijenoverleg geëvalueerd. Naar aanleiding daarvan is een wijzigingsbesluit opgesteld waarmee de samenwerking en uitvoering moeten worden aangescherpt.

Welke onderdelen precies zijn aangepast, blijkt niet uit het besluit van de Curaçaose ministerraad. De regering heeft het gewijzigde protocol nog niet gepubliceerd.

Onder het bestaande protocol stelt Nederland jaarlijks één miljoen euro beschikbaar voor projecten op Aruba, Curaçao en Sint-Maarten. Elk Caribisch land kan aanspraak maken op 250.000 euro. Daarnaast is 250.000 euro beschikbaar voor gezamenlijke projecten.

Het geld kan onder meer worden gebruikt voor onderzoek naar criminele netwerken, aanpassing van wetgeving, bewustwordingscampagnes en het ontwikkelen van bestuurlijke instrumenten.

Gezamenlijk informatieplatform

De landen werken ook aan een gezamenlijk platform voor informatie en expertise, naar voorbeeld van de Regionale Informatie- en Expertisecentra in Nederland. Daarin kunnen verschillende overheidsdiensten signalen over mogelijke ondermijning samenbrengen. Het streven is dat platform eind 2026 operationeel te hebben.

De drie Caribische landen blijven zelf verantwoordelijk voor hun beleid en de uitvoering. Het protocol draagt geen Curaçaose bevoegdheden over aan Nederland, maar legt afspraken vast over financiering, samenwerking en het uitwisselen van kennis en ervaring.

Voor de ondertekening wordt nog een landsbesluit aan gouverneur Mauritsz de Kort aangeboden. Wanneer het aangepaste protocol wordt getekend en openbaar wordt gemaakt, is nog niet bekend.


130 keer gelezen

Deel dit artikel: