
WILLEMSTAD – De Curaçaose overheid is een consultatietraject begonnen over de toekomst van het toerisme. Daarbij moet worden bepaald hoe de sector zich duurzaam kan ontwikkelen en hoeveel toeristische groei het eiland kan dragen zonder dat de leefbaarheid, infrastructuur en natuur te zwaar worden belast.
De Raad van Ministers kreeg woensdag een presentatie over het zogenoemde co-creatietraject. Dat sluit aan op het onderzoek naar de Tourism Carrying Capacity, oftewel de toeristische draagkracht van Curaçao.
Het ministerie van Economische Ontwikkeling en het Curaçao Tourist Board zijn onlangs met het traject begonnen. Zij willen niet alleen overleggen met hotels en andere toeristische bedrijven, maar ook met organisaties uit sectoren die gevolgen ondervinden van de groei van het toerisme. Ook inwoners moeten bij het proces worden betrokken.
Bij toeristische draagkracht gaat het onder meer om de vraag hoeveel bezoekers Curaçao kan ontvangen zonder dat problemen ontstaan met verkeer, afvalverwerking, water- en energievoorziening, woningprijzen, natuurgebieden en stranden. Ook de verhouding tussen de economische opbrengsten van het toerisme en de gevolgen voor inwoners speelt daarbij een rol.
De regering heeft nog niet bekendgemaakt wat de uitkomsten zijn van het draagkrachtonderzoek. Evenmin is duidelijk wanneer het consultatietraject begint, welke organisaties en inwoners worden gehoord en wanneer daaruit concrete beleidskeuzes volgen.
In een rapportage over het Landspakket werd eerder gemeld dat voorlopige bevindingen wijzen op een groeiende druk van het toerisme, onder meer op de afvalwaterzuivering. Daarbij werd voorgesorteerd op een gematigder groei, waarbij meer nadruk komt te liggen op de economische opbrengst per bezoeker en op de bijdrage van het toerisme aan andere lokale sectoren.
De presentatie aan de ministerraad werd verzorgd door vertegenwoordigers van het Curaçao Tourist Board en het ministerie van Economische Ontwikkeling, samen met lokaal deskundige Maharo Isenia. Ook CHATA, natuurorganisatie Carmabi en afvalverwerker Selikor waren vertegenwoordigd.




































