Hof veroordeelt drie agenten voor doodslag na fatale achtervolging

· - leestijd 3 minuten
Afbeelding
Archieffoto: Èxtra

WILLEMSTAD – Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie heeft twee politieagenten en een lid van het Vrijwilligers Korps Curaçao veroordeeld voor het gezamenlijk plegen van doodslag en twee pogingen tot doodslag. Bij het schietincident na een achtervolging in september 2021 kwam de 18-jarige Z. Nicasia om het leven.


De KPC-agenten Hayshenicke H. en Shairo S. en VKC-lid Yu-Maiklin B. krijgen ieder een voorwaardelijke taakstraf van 180 uur. Ook worden zij voorwaardelijk uit hun ambt ontzet. Daardoor hoeven zij de taakstraf niet uit te voeren en kunnen zij hun functie behouden, zolang zij zich aan de voorwaarden houden.

De uitspraak betekent een ommekeer in de zaak. Het Gerecht in eerste aanleg sprak het drietal in oktober 2024 nog vrij. Het Openbaar Ministerie ging daartegen in hoger beroep.

Dertien schoten

De zaak draait om een gewapende overval op een Chinese minimarkt aan de Dr. Maalweg op 27 september 2021. Drie mannen vluchtten daarna in een auto. Tijdens de politieachtervolging kwam het voertuig bij Hanenberg tot stilstand.

Toen agenten de inzittenden wilden aanhouden, reed de auto plotseling weer weg. De drie verbalisanten schoten daarop al rennend meerdere keren met hun dienstwapens in de richting van het voertuig.

In totaal werden kort achter elkaar dertien schoten gelost. Acht kogels raakten de auto, onder meer in de kofferbak en de achterruit. Een van de kogels doorboorde Nicasia van achteren. Hij overleed aan zijn verwondingen. De twee andere inzittenden werden niet geraakt en zijn later aangehouden.

Het is niet vastgesteld uit welk dienstwapen de dodelijke kogel kwam. Volgens het Hof is dat niet noodzakelijk, omdat de drie schutters gezamenlijk optraden en daarom samen verantwoordelijk zijn.

Kans op overlijden aanvaard

Het Hof gelooft dat de agenten niet de bedoeling hadden om iemand te doden. Maar door al rennend dertien keer op een wegrijdende auto te schieten, hebben zij volgens de rechters bewust de aanmerkelijke kans aanvaard dat een inzittende zou overlijden.

Daarmee is juridisch sprake van voorwaardelijk opzet en dus van doodslag. Omdat ook de twee andere inzittenden door de kogels hadden kunnen worden geraakt, zijn de agenten eveneens veroordeeld voor twee pogingen tot doodslag.

De verbalisanten mochten volgens het Hof hun dienstwapen gebruiken om de verdachten aan te houden. De manier waarop zij dat deden, was echter niet proportioneel. Zij hadden minder vaak moeten schieten en de schoten op het onderste deel of de banden van de auto moeten richten.

Politiekorps schoot tekort

Bij het bepalen van de straf houdt het Hof rekening met de gevaarlijke en stressvolle omstandigheden waarin agenten soms binnen een fractie van een seconde moeten handelen. Tijdens de rechtszaak bleek bovendien dat de verbalisanten niet regelmatig en op de juiste wijze waren getraind in het gebruik van hun dienstwapen.

Het Hof maakt de leiding van het politiekorps daar een duidelijk verwijt van. Het korps is er volgens de wet verantwoordelijk voor dat agenten goed worden begeleid en hun vaardigheden op peil houden. Door niet voor voldoende training te zorgen, heeft het korps zowel zijn medewerkers als de samenleving onvoldoende beschermd.

De agenten hebben volgens het Hof ook een eigen verantwoordelijkheid om zich te blijven bekwamen. Het gebrek aan training neemt hun strafbaarheid daarom niet weg, maar is wel een belangrijke reden voor de sterk gematigde en volledig voorwaardelijke straffen.

Politierapport vervalst

Het onderzoek naar de schietpartij kwam pas jaren later in een strafzaak terecht. De Landsrecherche onderzocht onder meer aanwijzingen dat de feitelijke gang van zaken niet overeenkwam met wat politiemensen in hun rapporten hadden vastgelegd.

Een vierde agent, voormalig teamleider D.E. van de Unit Speciale Taken, werd afzonderlijk vervolgd. Het Hof oordeelde eerder dat hij een officieel meldingsformulier had vervalst om de drie schutters te beschermen. Hij schreef dat de agenten tijdens de achtervolging „arma, arma” – wapen, wapen – hadden geroepen, terwijl volgens het Hof in werkelijkheid „para, para” – stop, stop – was geroepen. Daarmee werd ten onrechte de indruk van een noodweersituatie gewekt.

D.E. kreeg in hoger beroep zes weken voorwaardelijke gevangenisstraf, een taakstraf van tachtig uur en een voorwaardelijke ontzetting uit zijn ambt. Omdat hij sinds maart 2024 geschorst was, kon hij daarna terugkeren bij het politiekorps.

Schadevergoeding

Het Hof heeft aan de nabestaanden van Nicasia een schadevergoeding toegekend. Welk bedrag zij krijgen, staat niet in het persbericht over de uitspraak.

Volgens de rechters is de familie onherstelbaar leed aangedaan. Het verloop van het politieonderzoek heeft bovendien geleid tot onbegrip en ongeloof bij de nabestaanden en hun vertrouwen in de politie aangetast.

De drie veroordeelden en het Openbaar Ministerie hebben veertien dagen om cassatie in te stellen bij de Hoge Raad.


128 keer gelezen

Deel dit artikel: