
WILLEMSTAD - Niet de gouverneur, maar de regering en de verantwoordelijke minister zijn bevoegd bij besluiten en openbaarmaking rond online gokvergunningen op Curaçao. Dat heeft het Gemeenschappelijk Hof van Justitie bij vonnis bepaald. De uitspraak geeft belangrijke juridische duidelijkheid over de verantwoordelijkheid binnen de omstreden online goksector op Curaçao.
De zaak was aangespannen door journaliste en onderzoekster Nardy Cramm via een beroep op de Landsverordening openbaarheid van bestuur (Lob). Zij had documenten opgevraagd over online gaminglicenties, vergunningen, mandaten en toezicht op de gokindustrie. Toen een reactie uitbleef, stapte zij naar de rechter en stelde dat de gouverneur verantwoordelijk was voor de besluitvorming.
Het Hof volgt die redenering niet. Volgens de rechters moeten bevoegdheden in de Landsverordening buitengaatse hazardspelen juridisch worden gezien als bevoegdheden van de regering.
Landsbesluiten
Vergunningen voor online kansspelen moeten daarom via landsbesluiten worden verleend, ondertekend door zowel de gouverneur als de verantwoordelijke minister. De politieke verantwoordelijkheid ligt daarbij bij de ministers.
Ook oordeelt het Hof dat informatieverzoeken over de goksector niet aan de gouverneur moeten worden gericht, maar aan de minister die verantwoordelijk is voor de wetgeving rond online kansspelen.
Het Hof bevestigt daarmee een eerdere uitspraak van het Gerecht in Eerste Aanleg, dat zich onbevoegd had verklaard in de zaak tegen de gouverneur.
Uitspraak is relevant
De uitspraak is relevant omdat de Curaçaose online goksector al jaren onder internationale druk staat vanwege toezicht, vergunningverlening en transparantie. De juridische vraag wie formeel verantwoordelijk is voor vergunningen en openbaarmaking speelde daarbij regelmatig een rol.


































