Raad van Europa houdt Curaçao onder verscherpt toezicht

· - leestijd 1 minuut
De Raad van Europa houdt toezicht op de uitvoering van maatregelen rond de behandeling van levenslanggestraften met psychiatrische aandoeningen
De Raad van Europa houdt toezicht op de uitvoering van maatregelen rond de behandeling van levenslanggestraften met psychiatrische aandoeningen Foto: Archief

Curaçao blijft onder verscherpt toezicht van de Raad van Europa vanwege tekortkomingen in de behandeling van levenslanggestraften met ernstige psychiatrische aandoeningen. Uit de nieuwe Rapportage 2025 Internationale Mensenrechtenprocedures van het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken blijkt dat de uitvoering van een eerdere uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens nog altijd niet is afgerond.


Het gaat om de zaak van James Clifton Murray, die in 1980 tot levenslang werd veroordeeld voor de moord op een zesjarig meisje. Hoewel al bij zijn veroordeling was vastgesteld dat hij ernstige psychiatrische problemen had en behandeling nodig had, kreeg hij die tijdens zijn detentie op Curaçao en Aruba niet.

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens oordeelde in 2016 dat het Koninkrijk daarmee artikel 3 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens had geschonden, omdat Murray zonder behandeling feitelijk geen uitzicht had op vrijlating. De zaak werd in 2024 door het Comité van Ministers van de Raad van Europa onder verscherpt toezicht geplaatst.

Forensische zorg

In een nieuwe rapportage aan het Comité van Ministers erkent de Nederlandse regering dat weliswaar maatregelen zijn genomen om de detentie en forensische zorg te verbeteren, maar dat op dit terrein nog meer moet gebeuren. Daarom wordt binnen het Justitieel Vierpartijenoverleg gewerkt aan een meerjarig programma voor betere forensische zorg in het Caribisch deel van het Koninkrijk. Daarbij wordt onder meer gekeken naar de ontwikkeling van een kleinschalige forensische behandelfaciliteit die gebruikt kan worden door Aruba, Curaçao, Sint Maarten en de BES-eilanden.

Op 3 december 2025 werd de zaak opnieuw besproken door het Comité van Ministers. Daarbij namen de minister van Justitie van Aruba en de gevolmachtigde minister van Curaçao persoonlijk deel aan het debat om verantwoording af te leggen over de uitvoering van de uitspraak. Volgens het rapport blijft de internationale controle van kracht totdat voldoende verbeteringen zijn doorgevoerd.


179 keer gelezen

Deel dit artikel: