Jonge honkballers veroordeeld voor schieten met luchtgeweer bij MIL

WILLEMSTAD – Twee jonge honkballers zijn veroordeeld voor het schieten met een luchtgeweer bij de MIL-school op Curaçao. De twee, destijds zeventien en negentien jaar oud, reden op 8 januari langs de school en losten enkele schoten. Onder leerlingen en docenten ontstond grote paniek.
Dat meldt Èxtra, dat maandag aanwezig was bij de behandeling van de zaak. De twee verdachten, P.R. en L.C., stonden terecht voor bedreiging met een wapen en wapenbezit. Het ging om een luchtgeweer van het merk Crosman.
Na de melding in januari rukte de politie uit naar de school. Volgens Èxtra trof de politie daar geschrokken leerlingen en docenten aan. Op camerabeelden was een witte auto te zien waarvan ook het kenteken kon worden vastgesteld.
De auto bleek op naam van P.R. te staan. Bij een huiszoeking werd het luchtgeweer gevonden en werd hij aangehouden. De minderjarige L.C. meldde zich enkele dagen later samen met zijn ouders bij de politie.
‘Grap’
De verdachten verklaarden tijdens de rechtszaak dat zij die dag eerst hadden getraind en daarna in de omgeving van Charo met het luchtgeweer op leguanen waren gaan jagen. Toen daar een schot afging terwijl een vrouw voorbijliep en zij daarvan schrok, zouden ze dat grappig hebben gevonden.
Daarna ontstond volgens hun verklaring het idee om langs een school te rijden en daar met het geweer te schieten om leerlingen te laten schrikken. Aanvankelijk hadden zij een andere school op het oog, maar daarvan zagen zij af omdat zij vreesden dat leerlingen mogelijk zouden terugschieten. Vervolgens reden ze naar MIL.
Beide verdachten boden tijdens de rechtszaak excuses aan voor de angst en paniek die zij met hun actie veroorzaakten.
Honkbalcarrière geraakt
De zaak heeft ook gevolgen gehad voor hun honkbalcarrière. Beide jongeren hadden deelgenomen aan een honkbalkamp in de Dominicaanse Republiek.
P.R. verklaarde dat hij al een contract had getekend om in de Verenigde Staten te gaan spelen, maar dat hij dit contract door het incident is kwijtgeraakt. Hij speelt inmiddels weer bij een lokale ploeg op Curaçao.
Werkstraf
Het Openbaar Ministerie achtte de aanklachten bewezen en eiste tegen L.C. onder meer zes maanden voorwaardelijke straf en 120 uur werkstraf, naast begeleiding door de reclassering.
De rechter legde uiteindelijk een lagere straf op: L.C. kreeg twee maanden voorwaardelijk en zestig uur werkstraf. De rechter vond verdere begeleiding in zijn geval niet noodzakelijk.
P.R. kreeg zestig uur werkstraf en twintig uur begeleiding, met een proeftijd van één jaar.
De rechter sprak beide jongeren tijdens de zitting nadrukkelijk aan op hun gedrag, maar wees er ook op dat zij zich tijdens de behandeling van de zaak positief hadden opgesteld. De rechter sprak de hoop uit dat zij voortaan uit de problemen blijven.




































