Trots op diaspora mag niet verhullen dat Curaçao zijn eigen mensen verliest

WILLEMSTAD - Terwijl Curaçao nog nageniet van de Blue Wave en de wereldwijde steun van de diaspora, groeit op het eiland zelf de ongelijkheid. Colomnist Erwin Raphaëla waarschuwt dat betaalbare woningen verdwijnen, grond en vastgoed steeds vaker in buitenlandse handen komen en te veel Curaçaoënaars nauwelijks rondkomen. Wie trots is op de diaspora, schrijft hij, moet ook onder ogen zien waarom zo veel eilandbewoners ooit vertrokken.
door | Erwin Raphaëla
Recent heeft een burger, Jos Dijk, een artikel gepubliceerd over de pijnlijke sociaal-economische situatie op Curaçao. Opvallend is de directe vraag die Jos Dijk stelt: ‘Van wie is Curaçao eigenlijk?’
Verder legt hij haarfijn uit hoe de bouwontwikkelingen op Curaçao tot een keerpunt hebben geleid: Voor de lokale bevolking zijn er vrijwel geen betaalbare huizen meer. Overal verrijzen luxe appartementen als paddenstoelen uit de grond, terwijl iedereen weet dat die niet bedoeld zijn voor de gewone burger die moet rondkomen van een modaal salaris of een AOV-pensioen van hooguit 1000 gulden per maand. De helft van de Curaçaose gemeenschap leeft op of onder de armoedegrens.
Daarnaast beschrijft Jos Dijk hoe elke dag meer waardevolle grond en gebouwen in handen komen van buitenlandse investeerders. In glasheldere taal schetst hij de omstandigheden van ongelijkheid, ellende en armoede die op Curaçao alleen maar toenemen. De prijzen voor boodschappen in winkels en supermarkten zijn schandalig hoog. Met dit artikel concludeert Jos Dijk: Curaçao heeft zijn ziel verloren.
Laten we de feiten helder bezien.
Curaçao heeft net weken van enorme vreugde en trots beleefd, vooral dankzij de cruciale inzet van onze diaspora. Zonen en dochters van Curaçao die in het buitenland wonen, of familiebanden hebben in Nederland, reisden af naar de VS om ons elftal te steunen. Samen met de fans die rechtstreeks vanaf Curaçao kwamen.
Maar om eerlijk te zijn: praten we over diaspora, dan mogen we niet vergeten hoe dat begon. Eind 1999 nam de regering het wrede en pijnlijke besluit om circa 2000 ambtenaren te ontslaan. Dat veroorzaakte een massale uittocht van Curaçaoënaars richting Nederland. Vliegtuigen vol vertrokken dagelijks van Hato naar Schiphol-Amsterdam.
Nu, in 2026, wordt een compleet WK-voetbalteam gevormd uit onze mensen die daar in Nederland wonen. Zíj vertegenwoordigen Curaçao op het wereldkampioenschap. Iedereen is blij en trots. En terecht. Maar weinigen staan stil bij wat er werkelijk gebeurd is en waar die ‘diaspora’ vandaan komt waar we nu zo nadrukkelijk naar verwijzen.
De les is duidelijk.
Zowel van Blue Wave als van onze diaspora moeten we dit meenemen: Eenheid, Rechtvaardigheid en Liefde voor het vaderland. De inzet van onze mensen op zo’n cruciaal moment was van onschatbare waarde. Dat moet voortaan de bron van verandering worden.
Het is tijd voor een diepgaande reflectie die moet leiden tot een radicale koerswijziging in het denken en handelen van onze politici en bestuurders, op de huidige manier zal het nooit lukken!
Hoe klein Curaçao ook is. Hoe beperkt onze financiële middelen ook zijn. Hoe klein het aantal mensen ook is waarover we als volk beschikken: De manier waarop we onze eigen mensen behandelen, bepaalt of dit land echt vooruit kan.
Thema’s als strandbeleid, uitgifte van erfpachtgronden, betaalbare volkshuisvesting, armoedebestrijding en -preventie, en investeren in onderwijs en vorming, verdienen nú meer dan ooit prioriteit. Alleen dan kunnen we een land zijn dat met recht respect afdwingt in de wereld.
We moeten nú meer dan ooit overtuigen van de noodzaak tot wezenlijke uitgangspunten voor een rechtvaardig overheidsbeleid. De massale vertrek van zoveel van onze mensen naar Nederland destijds was niet voor niets. Wie met trots verwijst naar de bijdrage van onze diaspora recentelijk, mag die geschiedenis niet vergeten.




































