MAN-PIN wil structureel overheidsgeld voor jaarlijkse Tula-herdenking

WILLEMSTAD – De jaarlijkse herdenking van Tula en zijn medestrijders op 3 oktober moet volgens MAN-PIN niet langer afhankelijk zijn van incidentele financiering. Statenlid Suzy Camelia-Römer vraagt de regering structureel geld beschikbaar te stellen voor de organisatie van de nationale herdenking. Voor dit jaar wil zij onder meer financiering voor de Mars van Licht, vervoer van scholieren, beveiliging en vergoedingen voor artiesten en vrijwilligers.
Camelia-Römer heeft minister van Onderwijs, Wetenschap, Cultuur en Sport Sithree van Heydoorn gevraagd hierover tijdens het vragenuur in de Staten duidelijkheid te geven.
De herdenking wordt georganiseerd door Asosiashon Promoshon Konsenshi Istóriko, APKI. Camelia-Römer vraagt of de regering geld beschikbaar stelt voor de Mars van Licht, vervoer van leerlingen, logistiek, geluid en verlichting, beveiliging en vergoedingen voor artiesten, jongeren en vrijwilligers. Daarnaast wil ze weten of APKI voortaan op structurele overheidssteun kan rekenen.
De jaarlijkse herdenking vindt plaats op 3 oktober, de dag waarop Tula in 1795 na de grote opstand van tot slaaf gemaakten werd geëxecuteerd. Curaçao rehabiliteerde Tula en andere leiders van de opstand in 2010 als mensen van eer en goede naam. Tula werd daarbij officieel tot nationale held van Curaçao uitgeroepen. Nederland volgde in 2023 met postuum eerherstel.
Officiële herdenkingsdatum
Camelia-Römer stelt dat 3 oktober daarom niet alleen als een cultureel evenement moet worden beschouwd. Zij verwijst naar eerdere besluiten van de Curaçaose regering en noemt de herdenking een nationale en morele verplichting.
In haar brief verwijst zij onder meer naar het zogenoemde Siklo di Restourashon, dat de regering in 2020 vastlegde. Daarin zijn zeven data opgenomen die betrekking hebben op slavernij, vrijheid en mensenrechten. Naast 17 augustus, de dag waarop de opstand van 1795 begon, staat ook 3 oktober op die herdenkingskalender als dag van eerherstel en hommage aan de vrijheidsstrijders.
Het Statenlid spreekt daarnaast van een juridische verplichting voor de overheid om de datum te erkennen en te herdenken. Uit de stukken blijkt echter niet dat daaruit automatisch een wettelijke verplichting volgt om jaarlijks een bepaald bedrag aan APKI of de herdenking toe te kennen.
Mars van Licht
APKI organiseert ook dit jaar activiteiten rond 3 oktober. Vorig jaar vond in Otrobanda een herdenking plaats met een rouwmars, spirituele bezinning, vlagceremonie en kransleggingen. Curaçao.nu meldde toen dat het 230 jaar geleden was dat Tula werd geëxecuteerd.
De betekenis van 3 oktober kreeg in 2023 extra gewicht door het Nederlandse eerherstel voor Tula. Nederland erkende daarbij expliciet de rechtvaardigheid van zijn strijd tegen slavernij en sprak spijt en schaamte uit over de manier waarop Tula en andere vrijheidsstrijders door de toenmalige Nederlandse autoriteiten waren behandeld.
Camelia-Römer vindt dat Curaçao daarom zelf ook blijvend verantwoordelijkheid moet nemen voor de herdenking.





































