Regering moet duidelijkheid geven over structurele verhoging onderstand

WILLEMSTAD – De regering moet duidelijk maken hoeveel de onderstand op Curaçao structureel omhooggaat, wanneer de verhoging ingaat en hoeveel geld daarvoor nodig is. De Sociaal-Economische Raad heeft hierover al in augustus twee adviezen uitgebracht, maar de bedragen en financiële gevolgen zijn nog niet openbaar gemaakt.
De SER adviseerde over zowel een wijziging van de bijstandsverordening als over een landsbesluit waarmee de bijstandsnormen worden verhoogd. De adviesverzoeken kwamen op 23 juni binnen. De raad stelde zijn advies op 14 augustus vast en stuurde het op 18 augustus naar de regering. Daarmee ligt de verdere besluitvorming bij het kabinet.
Het gaat om advies 093/2026 over verhoging van het wettelijk maximale bedrag van de algemene bijstand en advies 094/2026 over verhoging van de bijstandsnormen. Beide adviezen staan inmiddels geregistreerd op de website van de SER. De SER maakte eerder alleen bekend dat de voorstellen juridisch, sociaaleconomisch, financieel en uitvoeringstechnisch zijn beoordeeld.
PAR-Statenlid Shaheen Elhage heeft daarom twaalf vragen aan het ministerie van Sociale Ontwikkeling, Arbeid en Welzijn laten doorsturen. Hij vraagt onder meer om het volledige SER-advies inclusief bijlagen naar het parlement te sturen en aan te geven welke aanbevelingen de regering overneemt en op welke punten daarvan eventueel wordt afgeweken. De vragen zijn op 28 september door de voorzitter van het parlement doorgestuurd naar de minister.
Bedrag en armoedegrens
Ook wil Elhage weten wat de huidige onderstandsbedragen zijn en wat de nieuwe bedragen worden, zowel in guldens als in procenten. Daarnaast vraagt hij hoe de nieuwe uitkeringen zich verhouden tot de meest recente armoedegrens en het bedrag dat iemand volgens de regering minimaal nodig heeft om van te leven.
Als ook na de verhoging een verschil met de armoedegrens blijft bestaan, wil hij weten hoe en binnen welke termijn de regering dat verschil verder wil verkleinen.
Andere vragen gaan over de ingangsdatum, hoeveel mensen recht hebben op de verschillende bedragen en wat de structurele verhoging jaarlijks gaat kosten. De regering wordt ook gevraagd de financiële berekeningen en de gevolgen voor de begroting naar het parlement te sturen.
De vragen gaan verder dan alleen verhoging van de uitkering. Het Statenlid wil ook weten hoeveel onderstandsgerechtigden kunnen werken, hoeveel mensen een traject richting werk, scholing of zelfstandig ondernemerschap volgen en hoeveel mensen daadwerkelijk uit de onderstand naar betaald werk doorstromen.
Tijdelijke honderd gulden loopt af
De discussie over een structurele verhoging komt op het moment dat de huidige tijdelijke koopkrachtsteun afloopt. Onderstandsgerechtigden krijgen nog honderd gulden extra over oktober. Daarna is voor deze groep vooralsnog geen voortzetting van die afzonderlijke regeling bekendgemaakt.
Curaçao.nu meldde maandag dat de tijdelijke honderd gulden ook wordt betaald aan AOV- en AWW-gerechtigden met een jaarinkomen onder 30.000 gulden. Voor onderstandsgerechtigden volgt de laatste aangekondigde betaling op 23 oktober.





































