Nieuw grensverdrag raakt ook vissers, bewoners en ondernemers op Sint Maarten

DEN HAAG/PHILIPSBURG – Een nieuw grensverdrag tussen Nederland en Frankrijk moet voor het eerst sinds 1648 de landsgrens tussen Sint Maarten en het Franse Saint-Martin juridisch exact vastleggen. Het verdrag heeft niet alleen symbolische betekenis, maar raakt ook direct bewoners, vissers en ondernemers rond Oyster Pond en Simpson Bay Lagoon.
De Nederlandse regering heeft daarvoor een rijkswet ingediend die het grensverdrag officieel moet goedkeuren. Het akkoord werd in 2023 gesloten tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Frankrijk, maar bevindt zich nu in de parlementaire goedkeuringsfase. Het voorstel ligt momenteel bij de Tweede Kamer en wordt daarnaast voorgelegd aan de Staten van Aruba, Curaçao en Sint Maarten.
De aanleiding voor het nieuwe verdrag ligt in discussies van de afgelopen jaren over de precieze grenslijn, vooral in het gebied rond Oyster Pond aan de oostkant van het eiland. Hoewel Sint Maarten en Saint-Martin al sinds het Verdrag van Concordia uit 1648 verdeeld zijn, werd de grens nooit exact juridisch afgebakend.
Eerdere verdragen
Volgens de Raad van State is het nieuwe verdrag belangrijk omdat het duidelijkheid moet scheppen over de reikwijdte van het grondgebied van het Koninkrijk, zowel op land als op zee. Daarbij wordt aangesloten op een eerder zeegrensverdrag uit 2016.
Opvallend is dat het verdrag directe gevolgen kan hebben voor burgers en bedrijven. De Raad van State noemt onder meer bepalingen over vrije doorvaart in Oyster Pond, toegang tot wateren, kleinschalige visserij, aanlegplaatsen, toegang tot grensgebieden en beperkingen voor nieuwe bouwwerken langs de grens. Ook moeten bestaande situaties van personen en bedrijven die door de nieuwe grensafbakening worden geraakt binnen twaalf maanden worden geregulariseerd.
De Raad van State vroeg de regering daarom expliciet beter uit te leggen welke onderdelen van het verdrag rechtstreeks gevolgen hebben voor inwoners van Sint Maarten. Ook moest verduidelijkt worden hoe het nieuwe grensverdrag zich verhoudt tot oudere verdragen, waaronder het historische Verdrag van Concordia uit 1648, het zeegrensverdrag uit 2016 en het VN-Zeerechtverdrag.
In het zogenoemde nader rapport heeft de regering die kritiek gedeeltelijk overgenomen. Volgens de regering blijven de oudere verdragen naast het nieuwe akkoord bestaan en is de toelichting aangepast om beter uit te leggen hoe die verdragen zich tot elkaar verhouden.
Discussie blijft bestaan
Maar over de rechten van burgers en bedrijven blijft discussie bestaan. De Raad van State wees erop dat verschillende artikelen mogelijk directe werking hebben voor inwoners, vissers en ondernemers. De regering erkent uiteindelijk dat sommige bepalingen inderdaad rechtstreeks kunnen gelden, bijvoorbeeld rond toegang tot grenslijnen, grenstekens en bouwbeperkingen. Tegelijkertijd stelt de regering dat andere onderdelen, zoals visrechten en toegang tot wateren, vooral afspraken tussen de betrokken overheden blijven.
Het verdrag is daarmee nog niet definitief van kracht. Eerst moet de volledige goedkeuringsprocedure binnen het Koninkrijk worden afgerond. Pas daarna kan de nieuwe juridische grensafbakening officieel in werking treden.
Met het nieuwe akkoord proberen Nederland en Frankrijk een grenskwestie af te sluiten die letterlijk teruggaat tot de koloniale tijd.


































