Hof: Venezolaanse crisis geen excuus voor niet betalen lening

· - leestijd 1 minuut
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie heeft geoordeeld dat Venezolaanse economische problemen geen grond vormen om een omvangrijke lening niet terug te betalen
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie heeft geoordeeld dat Venezolaanse economische problemen geen grond vormen om een omvangrijke lening niet terug te betalen Foto: Archief

WILLEMSTAD – De politieke en economische crisis in Venezuela en de internationale sancties tegen het land vormen geen geldige reden om een miljoenenlening niet terug te betalen. Dat heeft het Gemeenschappelijk Hof van Justitie bepaald in een omvangrijke zaak tussen VMSC Curaçao N.V., gelieerde Venezolaanse bedrijven en de Mexicaanse financier Caterpillar Crédito.


De zaak draait om een kredietrelatie die teruggaat tot 2007 en uiteindelijk uitgroeide tot een lening van 110 miljoen dollar. Nadat VMSC vanaf oktober 2017 stopte met het voldoen van de maandelijkse termijnen, eiste Caterpillar Crédito het volledige openstaande bedrag op.

VMSC voerde onder meer aan dat de verslechterde situatie in Venezuela, de Amerikaanse sancties en de daardoor ontstane financiële problemen als overmacht of onvoorziene omstandigheden moesten worden beschouwd.

Wat is VMSC Curaçao?

VMSC Curaçao N.V. is een Curaçaose onderneming die deel uitmaakt van de Venequip-groep, een concern dat actief is als dealer van machines en materieel van de Amerikaanse fabrikant Caterpillar. De onderneming speelt een rol bij de verkoop en distributie van Caterpillar-producten en maakte daarvoor gebruik van omvangrijke kredietfaciliteiten.


Risico’s al jaren bekend

Het Hof volgt die redenering niet. Volgens de rechters waren de politieke en economische risico’s van zakendoen in Venezuela al jarenlang bekend toen de lening en de daaropvolgende wijzigingen werden afgesloten.

Beide partijen hadden die risico’s bewust aanvaard en hielden daar zelfs rekening mee door politieke risicoverzekeringen af te sluiten. Daarom kan volgens het Hof niet worden gesproken van onvoorziene omstandigheden of overmacht.

Ook het verweer dat VMSC op het moment van opeising niet in betalingsverzuim verkeerde, wordt verworpen. Het Hof concludeert dat de onderneming de afgesproken betalingen niet tijdig heeft verricht en dat Caterpillar Crédito daarom gerechtigd was de volledige lening op te eisen. Een beroep op ontbinding van de overeenkomst slaagt daardoor evenmin.

Daarnaast oordeelt het Hof dat ook de garantstellers Venequip en Solidus aansprakelijk blijven voor de schuld. In hoger beroep vernietigt het Hof op dat punt het eerdere vonnis en beslist het dat de afgegeven garantie ook de geherstructureerde lening dekt. Daardoor worden de ondernemingen hoofdelijk veroordeeld tot betaling van bijna 73 miljoen dollar, verminderd met de circa 32 miljoen dollar die Caterpillar Crédito uit politieke risicoverzekeringen heeft ontvangen.


190 keer gelezen

Deel dit artikel: