Onderwijsminister weet niet hoeveel schoolkinderen dagelijks eten nodig hebben

· - leestijd 2 minuten
Afbeelding

WILLEMSTAD – Het Curaçaose ministerie van Onderwijs weet niet hoeveel schoolkinderen dagelijks een ontbijt of lunch nodig hebben. Ook beschikt het ministerie niet over een centraal overzicht van het aantal leerlingen dat voedselhulp ontvangt en in welke wijken de behoefte het grootst is. Dat blijkt uit antwoorden van onderwijsminister Sithree van Heydoorn op schriftelijke vragen van PAR-fractieleider Quincy Girigorie.


De antwoorden zijn gedateerd op 7 september en werden op 8 oktober door de Staten ontvangen. Van Heydoorn erkent dat goede voeding essentieel is voor de ontwikkeling en leerprestaties van kinderen, maar verwijst voor de benodigde cijfers naar het ministerie van Sociale Ontwikkeling, Arbeid en Welzijn (SOAW).

Volgens de onderwijsminister ligt de verantwoordelijkheid voor het inventariseren van voedselbehoeften en het uitvoeren van voedselprogramma’s voornamelijk bij SOAW. Het ministerie van Onderwijs houdt zelf geen centrale registratie bij.

Geen zicht op omvang probleem

Girigorie stelde in augustus negen vragen over de voedselvoorziening op Curaçaose scholen. Hij wilde onder meer weten hoeveel kinderen dagelijks zonder voldoende eten naar school gaan, hoeveel leerlingen een ontbijt of lunch ontvangen en of de bestaande overheidssteun voldoende is.

Op geen van deze vragen kan Van Heydoorn concrete aantallen geven. Ook ontbreekt bij zijn ministerie informatie over het aantal kinderen dat in het afgelopen schooljaar 2025-2026 dagelijks een maaltijd kreeg.

Evenmin kan de minister aangeven hoeveel leerlingen in het huidige schooljaar 2026-2027 voedselhulp zullen ontvangen.

De minister wijst erop dat uit onderzoek naar kansengelijkheid in het Curaçaose onderwijs blijkt dat sociaaleconomische omstandigheden grote invloed hebben op de ontwikkelingskansen van kinderen. Goede voeding is volgens hem niet alleen een gezondheidskwestie, maar ook een noodzakelijke voorwaarde om effectief aan het onderwijs te kunnen deelnemen.

Ruim zevenhonderd kinderen

Girigorie verwijst naar het werk van Fundashon Tur Mucha Mester Kome, die volgens hem al meer dan zeven jaar dagelijks maaltijden verstrekt aan ruim zevenhonderd kinderen. De stichting ontvangt daarvoor onder meer subsidie van de overheid.

Of die subsidie voldoende is om alle kinderen te helpen die voedselhulp nodig hebben, blijft onduidelijk. Van Heydoorn stelt dat de beoordeling van de subsidie onder de verantwoordelijkheid van SOAW valt.

Ook over de geografische spreiding van de voedselbehoefte heeft het ministerie van Onderwijs geen gegevens. Daardoor kan Van Heydoorn niet aangeven in welke buurten en wijken kinderen het grootste risico lopen om zonder voldoende voeding naar school te gaan.

Warme maaltijden

De PAR vraagt daarnaast aandacht voor ongeveer 350 kinderen die deelnemen aan het programma Brede Scholen. Volgens Girigorie krijgen zij tijdens de naschoolse opvang alleen brood en geen warme maaltijd.

Hij wil dat de regering onderzoekt of deze leerlingen dagelijks een volwaardige warme lunch kunnen krijgen en hoeveel dat zou kosten.

Van Heydoorn staat positief tegenover het voorstel, maar zegt dat de Dienst Openbare Scholen (DOS) de bestaande voedselvoorziening nog evalueert. De kosten voor warme maaltijden moeten nog worden berekend en zullen volgens de minister zo spoedig mogelijk aan het parlement worden verstrekt.

Begroting 2027

Girigorie vindt dat de overheid meer gericht moet investeren in kinderen uit gezinnen met weinig financiële middelen. Hij verwijst daarbij naar het onderzoek naar kansengelijkheid in het onderwijs, waaruit blijkt dat kinderen uit sociaaleconomisch zwakkere gezinnen minder ontwikkelingskansen hebben.

De PAR-fractieleider wilde de informatie beschikbaar hebben vóór de behandeling van de begroting voor 2027, zodat de Staten kunnen beoordelen hoeveel geld nodig is voor schoolmaaltijden.


74 keer gelezen

Deel dit artikel: